Het OSI-Model.



OSI-Model of Open Systems Interconnection Model is het standaard netwerktopologie voor datacommunicatie, dit standaard zorgt ervoor dat alle devices met elkaar kunnen verbinden, in plaats van devices van 1 fabrikant die alleen aan elkaar kunnen verbinden omdat de netwerktopologie anders is tussen elke fabrikant.

De Fysieke Laag is wat je zelf wel kunt zien als je in een server-room staat, de bekabeling die tussen netwerkcomponenten hangt om samen een netwerk te vormen zodat deze componenten kunnen communiceren en co-opereren.

De Datalinklaag deze zorgt voor communicatie binnen een netwerk, elk device heeft een MAC adres dat wordt gebruikt bij deze communicatie, een voorbeeld van een device dat op dit laag werkt zijn switches, deze verbinden meerdere devices en maken een gesloten netwerk.

De Netwerklaag deze maakt het verzenden van data tussen verschillende netwerken mogelijk, routers werken op het netwerklaag en dus kunenn ze IP adressen aanmaken en afbreken, deze zijn nodig bij het versturen van packets.

Het Transpoortlaag is de laag van het OSI-Model dat zich bezig houdt met de transmissie van data tussen 2 users, deze laag zorgt voor juiste timing en foutcontrole van de data, zodat de bovenste lagen (De applicatie, presentative en sessielaag) hier geen moeite over hoeven te doen, deze laag gebruikt vooral UDP en TCP.

De Sessielaag is de laag dat sessies creert en afbreekt per user.

De Presentatielaag zorgt voor encryptie en compressive van het netwerkverkeer zodat de site snel en veilig laadt, ook is dit een vertaallaag die data vertaalt tussen besturingssystemen en programmas.

De Applicatie- of Toepassingslaag is de laag dat zorgt voor verbinding tussen het netwerksysteem en het programma dat het netwerk wilt gebruiken, dit laag wordt gebruikt door services zoals FTP.
Banner